De ‘ruziekamer’.

Nu we zo dicht op elkaars lip zitten en zo weinig mogelijkheden hebben om even te ontsnappen aan al die interactie in eigen kleine kring, zullen er ongetwijfeld irritaties en ruzie(tjes) komen. Zeker als het allemaal wat langer gaat duren. Laten we daarom een bepaalde plek in huis kiezen om die ruzies te ‘hebben’. En laten we die plek de ‘ruziekamer’ noemen.

Dominic Barter, grondlegger van Restorative Circles (‘Herstelcirkels’) zegt: “elk huis heeft een keuken, omdat we weten dat we elke dag weer honger krijgen en willen eten. En elk huis heeft slaapkamers, omdat we, ook al worden we ‘s ochtends uitgerust en fit wakker, elke avond weer slaap nodig hebben. Waarom hebben huizen en gebouwen dan eigenlijk geen ‘ruziekamer’? We weten immers dat waar mensen samen leven, wonen en werken, er met regelmaat ruzie zal zijn? Of wrijving of ergernis? En dat is niet erg. Ruzie is gezond. Het is een signaal dat er iets niet lekker loopt, dat niet ieders welzijn optimaal is. Het heeft belangrijke informatie voor de betrokkenen. Laten we eropaf gaan om te horen wat het ons te vertellen heeft.”

Een ruziekamer dus. Want ruzie is gezond.  Als je het op een goede manier doet tenminste. Want we kennen allemaal de situatie dat we in boosheid dingen zeggen of doen waar we later spijt van hebben. En dat helpt niet. Dat zorgt er eerder voor dat we juist níet krijgen wat we nodig hebben.

Om een ruziekamer te laten werken is het dus belangrijk om te weten hoe je constructief ruzie kunt ‘hebben’. Hoe doe je dat?
Dat doe je door van tevoren – op een rustig moment, als je géén ruzie hebt – na te denken over wat voor jullie werkt (en wat niet) bij ruzie of conflict. Door van te voren met elkaar af te spreken wát jullie doen bij ruzie of conflict en wáár jullie dat doen (in de ruziekamer!).

Om dat met elkaar te bedenken, helpen de volgende drie vragen. Eigenlijk een hele eenvoudige en tegelijk heel doeltreffende manier.

  1. Wat doen jullie eigenlijk al als jullie ruzie (irritatie, conflict etc.) hebben, wat goed werkt?
  2. Wat doen jullie wat niet goed werkt?
  3. Wat is jullie ideaal, jullie droom; hoe zouden jullie willen dat het werkt?

Bekijk de antwoorden en probeer daarmee jullie eigen ‘draaiboek’ te maken voor het omgaan met irritaties (ruzies, conflicten etc.).  Gebeurt er iets wat dwars zit, emoties oproept? Volg dan heel eenvoudig het draaiboek.

Uiteindelijk blijkt het altijd weer om luisteren te gaan, gehoord worden. Dat staat dan ook centraal in het ‘ruziedraaiboek’ dat we herstelcirkels noemen. Als we ons dat aanwennen, zullen ruzies en conflicten veel minder escaleren. Ze hoeven niet te verdwijnen, want ze zijn belangrijk en ze hebben ons veel te vertellen. Daarom mag er in huis best een speciale plek ingericht worden om ruzie’s te ‘hebben’. Die plek mag best ‘ruziekamer’ heten. Een plek waarin we naar elkaar willen luisteren. www.herstelcirkels.nl

Hieronder een illustratie van hoe het ruziedraaiboek van herstelcirkels kan werken met kinderen.


Legostenen  
(Uit ‘microkringen’ van Elaine Shpunging)

We zijn in Mark’s huis en hij heeft nog nooit eerder deelgenomen aan een microkring of dit eerder gezien.

Nola: “Geef mij er een paar! Ik wil er een paar!”

Mark: “Nee! Hou daarmee op!”

Mark’s moeder “Hé jongens. Het is niet nodig om te vechten. Er is meer dan genoeg Lego.”

Ze staat op en haalt nog een andere doos met Lego en geeft deze aan Nola.

Nola: “Nee! Ik wil DIE Lego stenen!”

Mark’s moeder: “Mark, kan je een paar van jouw stenen delen met Nola? Of neem er een paar uit deze doos?”

Mark: “Nee! Ik wil deze. Ik was er mee bezig!”

Nola begint haar gezicht te vertrekken om te gaan huilen.

 

Ik, een beetje aarzelend overkomend: “Heb je er bezwaar tegen als we iets anders proberen?”

Mark’s moeder: “Nee hoor, ga je gang.”

Ik: “Jongens, jongens. Even wachten. Ik wil wat anders proberen, om te helpen…

[Nadat ik hun aandacht heb en er ruimte is in het lawaai]

Nola, wat wil je Mark graag laten weten?”

Nola: “Ik wil met zijn Lego stenen spelen! In die doos!”

 Ik: “Mark, wat hoor je Nola zeggen?”

 

Mark: “Stom gedoe, gedoe

Ik: “Nola, is dat het? Is dat wat je Mark wil laten weten?”

Nola, licht geamuseerd: “Nee. Ik wil zijn Lego stenen.”

 Ik: “Mark, wat hoor je Nola nu zeggen?”

Mark “Ze wil de Lego stenen. En all die bla bla onzin wil ik niet horen.”

Ik: “Nola, is dat het?”

Nola: “Ja.” [hiermee is de eerste ronde afgerond – nu gaan we naar het ander kind]

 

Ik: “Ok, Mark, wat zou jij Nola willen laten weten?”

Mark: “Ik wil dat zij de Lego stenen niet krijgt. Ik GEBRUIK ze.”

 Ik: “Nola, wat hoor je Mark zeggen?”

Nola, bedroefd, “Hij wil ze niet delen.”

 Ik: “Mark, is dat ‘t? Is dat wat je Nola wil laten weten?”

Mark: “JAAA!” [hiermee is de tweede ronde afgerond – nu gaan we naar het ander kind]

 

 Ik: “Nola, is er iets anders dat je Mark wilt laten weten?”

Nola: “Ik ben GEFRUSTREERD en ik ben BOOS.”

 Ik: “Mark, wat hoor je Nola zeggen?”

Mark: “Ze is gefrustreerd en bla bla.”

 Ik: “Nola, is dat het?”

Nola: “Ja.” [hiermee is de derde ronde afgerond – nu gaan we naar het ander kind]

[Nadat beide kinderen zeggen dat ze verder niets hebben te delen, gaan naar het actieplan]

 

Ik: “Dank jullie beiden. Nu, heeft iemand enig idee hoe we deze zaak oplossen?”

Nola: “NEE.”

Mark: “JAAA. Pak het aquarium en GIET het leeg op de vloer!”

 Ik: “Nola, is dat voor jou een oplossing? De vloer laten overstromen, helpt dat je om deze zaak op te lossen?”

Nola, een beetje lacherig, “Neee.”  [Soms komt het voor dat andere kinderen die hebben geluisterd, ideeën inbrengen. Ik neem die eenvoudig over en vraag “Is dat voor iedereen een oplossing ?”]

Ik: “Ok, Is er iemand die nog andere oplossingen heeft om dit op te lossen?”

Mark, zonder te spreken, pakt het Lego bouwwerk dat hij aan het maken was, breekt het in twee stukken en geeft de helft aan Nola, reikt in haar doos en haalt er een handvol Lego stenen uit voor zichzelf en gaat zitten en kijkt voldaan. Nola ziet er ook gelukkig uit.

 Ik, verbaasd zoals gebruikelijk: “Ok, werkt dit voor iedereen?”

Beide kinderen: “Ja.”

De kinderen lijken dan een complete omslag te ervaren in hoe ze met elkaar bezig waren. Ze beginnen samen te spelen hun Lego stenen over en weer te ruilen. Op een gegeven moment rent Nola naar Mark en streelt zijn haar. Ze spelen met plezier op deze wijze gedurende 20 minuten.